Inflatie zonder indexering zorgt voor zuurstofgebrek in het Brussels middenveld.

VGC stelt dit jaar een indexering van 3% voor terwijl de inflatie zo’n 10,4 % bedraagt. Dat bedrag betekent 1 miljoen euro.  Vandaag zou er in totaal 2,7 miljoen euro extra beschikbaar zijn. De extra 5,5 miljoen euro NPAK-middelen voor VGC tegen 2024 komt maar gradueel beschikbaar. Maar met de 2,7 miljoen euro nu heeft VGC al plannen (investering in kinderopvang, scholen).

Wat zijn de feitelijke gevolgen van niet-indexering voor de organisaties? Lees de feedback van leden over de impact op investeringen, personeel en klanten.

Gevolgen voor investeringen.

Eigen middelen besteedt men met voorrang aan loonsverhoging van bestaand gesubsidieerd personeel. Dit resulteert in afbouw van activiteiten of er wordt niet geïnvesteerd in uitbreiding of nieuwe projecten (De Overmolen).

Lees verder

Het Federaal Planbureau en BISA (Brussels Instituut voor Statistiek en Analyse) evalueerden de Brusselse inschakelingscontracten. Enkele bedenkingen.

Beter kansen voor vrouwen uit de arme sikkel en voor hoger geschoolden

BISA-onderzoekers stellen vast dat de maatregel de kans op beroepsinschakeling aanzienlijk verhoogt voor vrouwen die wonen in een wijk van de arme sikkel en/of met een niet-Europese nationaliteit. Laaggeschoolde groepen (oorspronkelijke doelgroep) zijn minder gebaat bij een IC-deelname dan hooggeschoolde groepen. De belangrijkste aanbeveling om de impact te vergroten is dat het om beroepsgerichte opleiding gaat.

Uit de analyse bleek dat het IC gemiddeld een negatieve impact heeft op de beroepsinschakeling van de begunstigden als de volledige groep wordt beschouwd. Deelnemers konden mogelijk een baan vinden in plaats van deelname aan een IC. Het ‘locking-in-effect’ heet dat, aangezien begunstigden ‘vastzitten’ en niet (of minder) ander werk zoeken. De beperkte impact op de beroepsinschakeling verklaart men doordat meer dan de helft van de IC’s plaatsvindt in vzw’s die waarschijnlijk minder financiële middelen hebben om de begunstigden na hun deelname in dienst te nemen. In de gemeenten en OCMW’s is de deelname aan het IC aanzienlijk doeltreffender. Gemeenten en OCMW’s aanmoedigen om kandidaten uit vzw’s aan te werven na een IC-traject (als de gezochte profielen overeenstemmen) ligt voor de hand, meent FeBIO.

Een andere mogelijke verklaring voor de beperkte impact is dat de deelname aan het IC de kans vergroot dat werkzoekenden na hun deelname recht op een werkloosheidsuitkering krijgen.

Er is een controlegroep. In de BISA-analyse worden de IC-begunstigden vergeleken met alle jongeren onder de 26 jaar die zich na hun studies als werkzoekende hebben ingeschreven tussen 2015 en 2017 (controlegroep). Dat het IC bestemd is voor een publiek dat ver van de arbeidsmarkt afstaat, blijkt uit het feit dat de begunstigden minder hoogopgeleid zijn dan alle jonge werkzoekenden die zich vóór de leeftijd van 26 jaar inschreven. De groepen jongeren met hoogstens een diploma lager middelbaar onderwijs (31,2 %) of hoogstens een diploma hoger middelbaar onderwijs (44,8 %) zijn veel sterker vertegenwoordigd onder de IC-begunstigden dan onder alle jongeren (respectievelijk 21,3 % en 36,6 %). Jonge universitairen zijn veel minder vertegenwoordigd onder de IC-begunstigden (4,9 % en 23,1 % onder alle jongeren). Het specifieke karakter van de doelgroep komt tot uiting in de leeftijd van de begunstigden: de categorieën jongeren die vóór hun 19e verjaardag als werkzoekende zijn ingeschreven en de jongeren tussen 19 en 21 jaar zijn oververtegenwoordigd (respectievelijk 16,4 % en 45,0 %) in vergelijking met de controlegroep (12,3 % en 37,4 %). Het IC is ook meer gericht op jongeren van niet-Europese nationaliteit (20,8 %) in vergelijking met de volledige groep (14,2 %) en minder op jongeren met een nationaliteit uit een van de andere EU-landen (9,9 % tegenover 16,5 %). Jongeren uit de wijken van de arme sikkel van het BHG zijn sterker vertegenwoordigd in de groep jongeren die aan het IC deelnemen dan in de groep als geheel en mogelijk kwetsbaarder in hun zoektocht naar werk.

Lees verder

Inschakelingscontracten voor jongeren zijn maar voor de helft ingevuld, een spijtige zaak!

Nathan Nzuzi, Copyright FIX

In 2016 riep de Brusselse overheid inschakelingscontracten voor jongeren in het leven om een antwoord te bieden aan de uitsluiting van jongeren op de arbeidsmarkt (werkloosheid, discriminatie, federale uitsluiting). Men wou jaarlijks 850 jongeren, in een gesubsidieerd geco-contract aan de slag te helpen. Onze leden verwierven sinds de start zo’n 50-tal posten. Deze inschakelingscontracten (geco’s), worden momenteel moeilijk ingevuld bij alle organisaties! FeBIO vraagt oplossingen voor het probleem. Een versoepeling van de instapvoorwaarden lijkt aangewezen.

Lees verder

ViTeS kiest resoluut voor duurzaam!

ViTeS is de koepel van Kringloopwinkels actief in Vlaams-Brabant en het Nederlandstalig gedeelte van Brussel. Deze groep draagt het ecologisch aspect hoog in het vaandel.  ViTeS volgde vanaf 2018 gedurende drie jaar een VOKA-traject om SDG-pioneer te worden. 88 Vlaamse ondernemingen ontvingen in 2020 zo’n SDG Pioneer-certificaat van UNITAR, het United Nations Institute for Training and Research. SDG staat voor Sustainaible Development Goals van de VN. Gedurende de komende 15 jaar moeten 17 SDG’s, die gekoppeld worden aan 169 targets, een actieplan vormen om de mensheid te bevrijden van armoede en de planeet terug op de koers richting duurzaamheid te plaatsen.

Lees verder

Strijd tegen sociale dumping

DSC01982
DSC01981
DSC01975
DSC01983
DSC01985
DSC01980-2
previous arrow
next arrow

De VRT reportage uit 2018  “Pano: Aannemer of oplichter?” kloeg de duizenden jaarlijkse frauduleuze faillissementen aan. In september 2021 rapporteerde VRT over een onderzoek naar sociale dumping in de bouwsector waar 12 mensen werden opgepakt. Een netwerk van Belgische en buitenlandse bedrijven zou veel Roemeense werknemers naar bouwwerven in ons land gehaald hebben. Een twintigtal onderaannemers zouden de slachtoffers aan het werk hebben gezet onder slechte werkomstandigheden. Men nam 14 miljoen euro in beslag.

FeBIO is verontwaardigd. Vanuit de Brusselse sociale inschakelingseconomie, klagen we die wantoestanden mee aan. Coördinatoren en werfleiders in onze organisaties actief in de bouwsector kennen mensen die slachtoffer waren van erbarmelijke werkomstandigheden. Ze belanden soms in situaties waar ze concurreren voor opdrachten met zo’n ondernemers.

Lees verder

GPMI onder de loep

‘Leefloners onderwerpen aan een contract met voorwaarden helpt hen niet vooruit. Schaf het systeem af en maak tijd voor kwaliteitsvolle begeleiding, aldus organisaties die zich het Platform GPMI noemen en zich samen tegen het contract verzetten’. GPMI staat voor “geïndividualiseerd project maatschappelijke integratie”. Het is een zogenaamd contract dat iemand die recht heeft op een leefloon afsluit met het OCMW. Het bevat afspraken die de integratie in de samenleving zouden moeten bevorderen. Door het machtsonevenwicht gaat het echter niet om afspraken, maar om extra voorwaarden. Die zijn niet wettelijk bepaald en vormen vaak een inbreuk op de persoonlijke levenssfeer. En bovenal: ze werken niet, adus het Platform op 23 November 2021 in De Standaard.

Op 25 november 2021 presenteerde socioloog Michel Albertijn van Tempera-BSM Management de resultaten van het onderzoek naar de hervorming van het GPMI.

Lees verder

ELMER en FeBIO vragen aan de Brusselse overheid om de vervanging van zwangere vrouwen in SOCECO-contracten mogelijk te maken.

ELMER leidt kinderbegeleiders op. Dat is een knelpuntberoep waar men handen te kort komt. Naast de mogelijkheid tot vervanging, vragen we tevens om de tijdelijke opschorting van de SOCECO-contracten tijdens de zwangerschap en het ouderschapsverlof toe te staan. Het hernemen en voltooien van de opleiding na de zwangerschap is opportuun en vergroot de kansen op werk. Bij de DSP-contracten was vervanging vroeger wel mogelijk, voor de nieuwe SOCECO-contracten kan het niet. Bekijk het filmpje.

Delen via deze link!

Arbeidsmarktbeleid en streven naar 80% activiteitsgraad. Alles staat of valt met de beschikbare jobs.

Er is een structureel tekort aan jobs voor laaggeschoolden. Dus moeten we laaggeschoolden niet verwijten dat ze geen werk vinden, maar jobs creëren, meent FeBIO. Afschaffing van de werkloosheidsuitkering in de tijd, zorgt gegarandeerd voor meer armoede.

De problematiek is die van vraag en aanbod. De arbeidsmarkt is ‘VUCA’, dat staat voor volatile (vluchtig), uncertain (onzeker), complex en ambiguous (dubbelzinnig). Een kernprobleem langs de vraagzijde. In Brussel is de mismatch tussen vraag en aanbod enorm. Slechts 41 % van de laaggeschoolden is aan het werk. Een structurele oplossing is de creatie van bijkomende kwalitatieve voltijdse jobs, die in werkarme gezinnen inkomenszekerheid en stabiliteit brengen.

Lees verder

Corona: verlenging maatregelen. Nuttige links.

De nieuwe telewerkregels van 22 november 2021 vind je op deze pagina van Sociare.

Het soepele systeem van ’tijdelijke werkloosheid wegens overmacht – corona’ wordt een laatste keer verlengd tot 31 december 2021.
Ben je van plan om tijdelijke werkloosheid in te roepen vanwege de coronamaatregelen? De vereenvoudigde procedure is opnieuw verlengd tot 31 december 2021 (nieuwsupdate van vrijdag 24 september 2021). Gerichte verlenging van de economische steunmaatregelen tot 31 december 2021 | Alexander De Croo (premier.be). De maatregel werd een laatste keer verlengd tot 31 december 2021Dat communiceert RVA op zijn website.

Eerder was er verlening tot eind september. De RVA heeft de informatie op haar website aangepast en deze maatregel bevestigd. Het KB werd gepubliceerd op 19 juli 2021.Lees ook. Corona – socio-economische maatregelen: verlenging van enkele werkloosheidsmaatregelen tot eind september 2021 | Sociare

In principe moet een werknemer die tijdelijk werkloos wordt door overmacht wegens het coronavirus, zich na de eerste 3 maanden van werkloosheid als werkzoekende inschrijven. De RVA besliste om deze periode van 3 maanden in het kader van corona pas te laten ingaan vanaf 1 juli 2021. Een inschrijving vóór 1 oktober 2021 is dus niet nodig.

Opnieuw zijn er maatregelen genomen om werkgevers tegemoet te komen in de betaling van RSZ-werkgeversbijdragen. Het niet-doorstorten van de voorschotten voor het eerste en het tweede kwartaal van 2021 zal geen aanleiding geven tot sancties. Je kunt de betaling van de maandelijkse bijdragen uitstellen tot de vervaldag van het saldo van de kwartaalbijdragen. En als ook dat niet mogelijk is, kan je een minnelijk afbetalingsplan vragen. Deze regeling werd uitgebreid naar het derde kwartaal van 2021.

Nuttige links

Lees verder