De kennis van het Nederlands is een troef op de arbeidsmarkt. Compris?

Er is een nieuw samenwerkingsakkoord tussen Vlaamse en Brusselse regering. Caroline Mancel van Actiris onderstreepte het belang van de kennis van het Nederlands voor het vinden van werk. FeBIO moedigt ook de Brusselse OCMW’s aan om samen met haar partners voluit de kaart van de kennis van het Nederlands te trekken. 

Het samenwerkingsakkoord zorgt ervoor dat de VDAB en Actiris jaarlijks een gezamenlijke arbeidsmarktanalyse zullen uitvoeren voor Brussel en Vlaanderen. Na de probleemanalyse werkt men concrete oplossingen uit. Beide instanties monitoren de pendelstromen en interregionale mobiliteit. VDAB en Actiris zullen samenwerken met het Agentschap voor Integratie en Inburgering en het Huis van het Nederlands om inburgeraars en anderstaligen te integreren op de arbeidsmarkt ( Bruzz, 18 juni 2021).

Hilde Sabbe (one.brussels-sp.a) stelde op 17 juli 2021 interessante vragen in de Commissie Economische Zaken.

Na de pandemie moet het Brussels Gewest zich voorbereiden op een mogelijke toename van de werkloosheid, vooral bij Brusselse laaggeschoolde werkkrachten. Velen deden het afgelopen jaar een beroep op tijdelijke werkloosheid, maar volgens Actiris moeten mensen binnenkort weer op zoek naar werk.

Volgens Caroline Mancel, waarnemend directeur-generaal van Actiris, zijn er in de Vlaamse Rand ongeveer 6.000 vacatures, waaronder een heleboel voor laaggeschoolden. Die worden slechts zelden door Vlaamse werkzoekenden ingevuld, wegens het verschil in opleidingsniveau tussen de Brusselse en de Vlaamse werkzoekenden. Brusselse werkzoekenden zijn meestal jonger zijn dan de Vlaamse en dus geschikter om die jobs uit te voeren die eerder fysiek van aard zijn. Het enige grote probleem is de talenkennis van de Brusselse werkzoekenden. Volgens mevrouw Mancel “houdt geen Nederlands kennen veel Brusselse werkzoekenden tegen om in Vlaanderen te werken. Ten onrechte, want bij een derde van de vacatures is geen kennis van het Nederlands vereist”.

Andere vooroordelen moeten wijken. “Van Schaarbeek is het minder lang pendelen naar Vilvoorde dan naar Ukkel.” De campagne ‘Een job, c’est aussi un job’ van Actiris moet Brusselaars naar Vlaanderen lokken. Voor jobs die wel een basisniveau Nederlands vereisen, kunnen werkzoekenden een beroep doen op taalcheques. Men hoopt dat het aantal taalopleidingen en taalcheques stijgt en dat Brusselse onderwijsinstellingen hun leerlingen en studenten structureler aanzetten tot het verwerven van een tweede taal.

Hilde Sabbe vraagt: Met hoeveel bedrijven in de Vlaamse Rand werken Actiris en de VDAB samen om vacatures voor laaggeschoolden sneller in te vullen? De meeste laaggeschoolde werkzoekenden zijn actief in de horeca, de detailhandel en het toerisme. Hoeveel van de ongeveer 6.000 vacatures in de Vlaamse Rand komen uit die sectoren?

Minister Clerfayt antwoordt uitgebreid:
In 2020 ontving Actiris 100.304 werkaanbiedingen via de VDAB, afkomstig van 10.983 verschillende Vlaamse werkgevers. 10.167 Van die bedrijven boden tewerkstelling in Vlaanderen aan. Eind mei 2021 telde de VDAB 6.279 openstaande vacatures in Vlaams-Brabant. Ruim een derde van die vacatures (2.574) was bedoeld voor laaggeschoolden. Van alle vacatures kwamen er 1.489 uit de sector van de groot- en kleinhandel, waarvan 551 voor laaggeschoolde profielen; 306 vacatures kwamen uit de horeca- en toerismesector, waarvan 251 voor laaggeschoolden. Vlaamse bedrijven kunnen direct contact opnemen met Actiris om kandidaten te zoeken en VDAB vragen om hun jobaanbiedingen door te geven aan Actiris. VDAB bezorgt de vacatures voor jobs waarvoor de kennis van het Nederlands geen primaire vereiste is, aan Actiris en vraagt elke werkgever of het gevraagde taalniveau effectief nodig is op de werkvloer. Indien niet, past men het taalniveau aan en geeft men de vacature aan Actiris door.

Er is nog geen overzicht van alle Vlaamse bedrijven die vacatures aanbieden. Van 2017 tot en met 2020 vonden jaarlijks zo’n 7.500 à 9.000 Brusselse werkzoekenden werk bij een bedrijf dat minstens 80% van zijn vestigingen in Vlaanderen had. Het aantal Brusselaars dat in Vlaanderen werkt, stijgt elk jaar. Door corona waren het er vorig jaar minder dan in voorgaande jaren. Voor 2020 gaat het om 7.464 Brusselse werkzoekenden, van wie er 2.683 een contract van minstens 1 maand kregen.

Misvattingen en drempels

Brusselse werkzoekenden menen vaak dat ze niet welkom zijn in Vlaanderen, of dat een Vlaamse of lokale kandidaat voorrang krijgt. Sommige werkgevers wensen inderdaad geen kandidaten in dienst te nemen die niet in de directe omgeving wonen. Brusselse werkzoekenden zeggen vaak dat ze niet over het gevraagde niveau Nederlands beschikken. Jobaanbiedingen van de VDAB zijn in het Nederlands opgesteld en goede of zeer goede kennis Nederlands is vaak vereist. De jobaanbieding niet of amper kunnen lezen, is een drempel. Vaak heeft men wel het gewenste profiel en staat de werkgever open voor anderstaligen. Actiris wil in de toekomst een automatische vertaaltool op zijn website plaatsen. Zo kunnen werkzoekenden vacatures vertalen en nagaan of ze het gewenste profiel hebben.

Drempels aan werkgeverszijde. Sommigen schermen met het argument dat een kandidaat goed Nederlands moet kunnen spreken vanwege de veiligheidsvoorschriften of om interne opleidingen te volgen. VDAB kan helpen om het taalniveau van de interne opleidingen aan te passen de werkelijke noden op de werkvloer. Een werkpunt. Actiris zal op zijn website een kaart publiceren die de locatie van jobs aangeeft, net zoals op eenjobpourmoi.be. Daarbij zal men de tijdsduur van verschillende mobiliteitsopties (fiets, auto, trein, bus) vermelden. Zo kan de werkzoekende opzoeken welke weg hij met welk vervoermiddel kan afleggen om de werkplek te bereiken. In vacatures is er te weinig aandacht aan de mobiliteitsoplossingen die werkgevers bieden zoals carpoolen en fiets- en kilometervergoedingen. Vaak vraagt men een rijbewijs en het bezit van een eigen auto in de jobaanbieding, terwijl dat niet nodig is om de functie uit te voeren of om ter plaatse te raken. In 2020 ontvingen 3.242 werkzoekenden minstens één taalcheque om Nederlands te leren. 338 onder hen ontvingen een taalcheque ‘matching’. Taalcheques wordt toegekend aan werkzoekenden die men aanwerft voor de werkaanbiedingen ‘Select’ waarbij Actiris selecteert.

Hier vind je de integrale tekst van de Commissie die hier ingekort werd, (versie nog niet goedgekeurd door de sprekers).

WIN-WIN

FeBIO sensibiliseert en moedigt de Brusselse OCMW’s aan om het Nederlands meer te ondersteunen. Het OCMW-Molenbeek organiseert bijvoorbeeld nooit Nederlandse lessen.  Bij onze leden ontstaat hierdoor soms de indruk dat men blokkeert op Nederlands.  Het OCMW van Schaarbeek organiseert taallessen, daar is men zeer tevreden over, maar dit zijn enkel Franse taallessen. Bij de Nederlandstalige inschakelingsorganisaties, leert men Nederlands op de werkvloer, het is onze troef. Wij brengen die drempel, terughoudendheid die we vaststellen bij een aantal OCMW’s graag onder de aandacht en willen die helpen wegwerken. Daarnaast pleiten wij voor de terugbetaling en ondersteuning van de opleidingen voor het behalen van een rijbewijs. We vragen Vlaamse werkgevers realistische eisen te stellen. Poetshulpen die perfect Nederlands moeten kunnen, is dat echt nodig? Een goede doorstroom van Brusselse werkzoekenden uit inschakelingsprojecten naar werk in Vlaanderen levert toegevoegde waarde. Een ontwikkeling waar Vlaamse en Brusselse werkgeversfederaties zich voluit achter moeten scharen.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *