Energiesteun voor de inschakelingsondernemingen is ook nodig voor 2022.

Energiesteun. Update 14 november 2022.

De Brusselse regering maakte in het kader van de voorbereiding van de begroting 2023 een budget van 26 à 27 miljoen euro vrij om een deel van de extra kosten te dekken die verband houden met de stijging van de energiefactuur voor de niet-marktgebonden sectoren die afhankelijk zijn van het Gewest, de COCOM, de COCOF en de VGC (persbericht).

Om te voorkomen dat banen verloren gaan in de sector sociale economie, een bevoorrechte partner voor de opleiding en tewerkstelling van mensen die het verst van de arbeidsmarkt af staan, wordt 6,3 miljoen euro extra uitgetrokken voor hun begeleiding, opleiding en integratie. Nog steeds met het oog op het behoud en de toename van de werkgelegenheid in het Brussels Gewest worden de geco-posten volledig geïndexeerd, dankzij een extra budget van 15 miljoen euro. Het gaat om de tewerkstelling van meer dan 7.000 Brusselaars. Dat is uiteraard positief.

Maar energiesteun is ook nodig voor 2022.

Lees verder

Inflatie zonder indexering zorgt voor zuurstofgebrek in het Brussels middenveld.

VGC stelt dit jaar een indexering van 3% voor terwijl de inflatie zo’n 10,4 % bedraagt. Dat bedrag betekent 1 miljoen euro.  Vandaag zou er in totaal 2,7 miljoen euro extra beschikbaar zijn. De extra 5,5 miljoen euro NPAK-middelen voor VGC tegen 2024 komt maar gradueel beschikbaar. Maar met de 2,7 miljoen euro nu heeft VGC al plannen (investering in kinderopvang, scholen).

Wat zijn de feitelijke gevolgen van niet-indexering voor de organisaties? Lees de feedback van leden over de impact op investeringen, personeel en klanten.

Gevolgen voor investeringen.

Eigen middelen besteedt men met voorrang aan loonsverhoging van bestaand gesubsidieerd personeel. Dit resulteert in afbouw van activiteiten of er wordt niet geïnvesteerd in uitbreiding of nieuwe projecten (De Overmolen).

Lees verder

Het Federaal Planbureau en BISA (Brussels Instituut voor Statistiek en Analyse) evalueerden de Brusselse inschakelingscontracten. Enkele bedenkingen.

Beter kansen voor vrouwen uit de arme sikkel en voor hoger geschoolden

BISA-onderzoekers stellen vast dat de maatregel de kans op beroepsinschakeling aanzienlijk verhoogt voor vrouwen die wonen in een wijk van de arme sikkel en/of met een niet-Europese nationaliteit. Laaggeschoolde groepen (oorspronkelijke doelgroep) zijn minder gebaat bij een IC-deelname dan hooggeschoolde groepen. De belangrijkste aanbeveling om de impact te vergroten is dat het om beroepsgerichte opleiding gaat.

Uit de analyse bleek dat het IC gemiddeld een negatieve impact heeft op de beroepsinschakeling van de begunstigden als de volledige groep wordt beschouwd. Deelnemers konden mogelijk een baan vinden in plaats van deelname aan een IC. Het ‘locking-in-effect’ heet dat, aangezien begunstigden ‘vastzitten’ en niet (of minder) ander werk zoeken. De beperkte impact op de beroepsinschakeling verklaart men doordat meer dan de helft van de IC’s plaatsvindt in vzw’s die waarschijnlijk minder financiële middelen hebben om de begunstigden na hun deelname in dienst te nemen. In de gemeenten en OCMW’s is de deelname aan het IC aanzienlijk doeltreffender. Gemeenten en OCMW’s aanmoedigen om kandidaten uit vzw’s aan te werven na een IC-traject (als de gezochte profielen overeenstemmen) ligt voor de hand, meent FeBIO.

Een andere mogelijke verklaring voor de beperkte impact is dat de deelname aan het IC de kans vergroot dat werkzoekenden na hun deelname recht op een werkloosheidsuitkering krijgen.

Lees verder

Inschakelingscontracten voor jongeren zijn maar voor de helft ingevuld, een spijtige zaak!

Nathan Nzuzi, Copyright FIX

In 2016 riep de Brusselse overheid inschakelingscontracten voor jongeren in het leven om een antwoord te bieden aan de uitsluiting van jongeren op de arbeidsmarkt (werkloosheid, discriminatie, federale uitsluiting). Men wou jaarlijks 850 jongeren, in een gesubsidieerd geco-contract aan de slag te helpen. Onze leden verwierven sinds de start zo’n 50-tal posten. Deze inschakelingscontracten (geco’s), worden momenteel moeilijk ingevuld bij alle organisaties! FeBIO vraagt oplossingen voor het probleem. Een versoepeling van de instapvoorwaarden lijkt aangewezen.

Lees verder

ViTeS kiest resoluut voor duurzaam!

ViTeS is de koepel van Kringloopwinkels actief in Vlaams-Brabant en het Nederlandstalig gedeelte van Brussel. Deze groep draagt het ecologisch aspect hoog in het vaandel.  ViTeS volgde vanaf 2018 gedurende drie jaar een VOKA-traject om SDG-pioneer te worden. 88 Vlaamse ondernemingen ontvingen in 2020 zo’n SDG Pioneer-certificaat van UNITAR, het United Nations Institute for Training and Research. SDG staat voor Sustainaible Development Goals van de VN. Gedurende de komende 15 jaar moeten 17 SDG’s, die gekoppeld worden aan 169 targets, een actieplan vormen om de mensheid te bevrijden van armoede en de planeet terug op de koers richting duurzaamheid te plaatsen.

Lees verder

Strijd tegen sociale dumping

DSC01982
DSC01981
DSC01975
DSC01983
DSC01985
DSC01980-2
previous arrow
next arrow

De VRT reportage uit 2018  “Pano: Aannemer of oplichter?” kloeg de duizenden jaarlijkse frauduleuze faillissementen aan. In september 2021 rapporteerde VRT over een onderzoek naar sociale dumping in de bouwsector waar 12 mensen werden opgepakt. Een netwerk van Belgische en buitenlandse bedrijven zou veel Roemeense werknemers naar bouwwerven in ons land gehaald hebben. Een twintigtal onderaannemers zouden de slachtoffers aan het werk hebben gezet onder slechte werkomstandigheden. Men nam 14 miljoen euro in beslag.

FeBIO is verontwaardigd. Vanuit de Brusselse sociale inschakelingseconomie, klagen we die wantoestanden mee aan. Coördinatoren en werfleiders in onze organisaties actief in de bouwsector kennen mensen die slachtoffer waren van erbarmelijke werkomstandigheden. Ze belanden soms in situaties waar ze concurreren voor opdrachten met zo’n ondernemers.

Lees verder

GPMI onder de loep

‘Leefloners onderwerpen aan een contract met voorwaarden helpt hen niet vooruit. Schaf het systeem af en maak tijd voor kwaliteitsvolle begeleiding, aldus organisaties die zich het Platform GPMI noemen en zich samen tegen het contract verzetten’. GPMI staat voor “geïndividualiseerd project maatschappelijke integratie”. Het is een zogenaamd contract dat iemand die recht heeft op een leefloon afsluit met het OCMW. Het bevat afspraken die de integratie in de samenleving zouden moeten bevorderen. Door het machtsonevenwicht gaat het echter niet om afspraken, maar om extra voorwaarden. Die zijn niet wettelijk bepaald en vormen vaak een inbreuk op de persoonlijke levenssfeer. En bovenal: ze werken niet, adus het Platform op 23 November 2021 in De Standaard.

Op 25 november 2021 presenteerde socioloog Michel Albertijn van Tempera-BSM Management de resultaten van het onderzoek naar de hervorming van het GPMI.

Lees verder

ELMER en FeBIO vragen aan de Brusselse overheid om de vervanging van zwangere vrouwen in SOCECO-contracten mogelijk te maken.

ELMER leidt kinderbegeleiders op. Dat is een knelpuntberoep waar men handen te kort komt. Naast de mogelijkheid tot vervanging, vragen we tevens om de tijdelijke opschorting van de SOCECO-contracten tijdens de zwangerschap en het ouderschapsverlof toe te staan. Het hernemen en voltooien van de opleiding na de zwangerschap is opportuun en vergroot de kansen op werk. Bij de DSP-contracten was vervanging vroeger wel mogelijk, voor de nieuwe SOCECO-contracten kan het niet. Bekijk het filmpje.

Delen via deze link!

Arbeidsmarktbeleid en streven naar 80% activiteitsgraad. Alles staat of valt met de beschikbare jobs.

Er is een structureel tekort aan jobs voor laaggeschoolden. Dus moeten we laaggeschoolden niet verwijten dat ze geen werk vinden, maar jobs creëren, meent FeBIO. Afschaffing van de werkloosheidsuitkering in de tijd, zorgt gegarandeerd voor meer armoede.

Problematiek van vraag en aanbod

De arbeidsmarkt is ‘VUCA’. Dat staat voor volatile (vluchtig), uncertain (onzeker), complex en ambiguous (dubbelzinnig). Een kernprobleem bestaat langs de vraagzijde. In Brussel is de mismatch tussen vraag en aanbod enorm. Slechts 41 % van de laaggeschoolden is aan het werk. Een structurele oplossing is de creatie van bijkomende kwalitatieve voltijdse jobs. Dat brengt in werkarme gezinnen inkomenszekerheid en stabiliteit.

Lees verder